Archief ‘Leiderschap’

Artikelen in deze categorie:

18 mei 2010, door Redactie Q

Het DNA van grote vernieuwers

Wat maakt zeer succesvolle ondernemers als Steve Jobs van Apple of Jeff Bezos van Amazon.com zo visionair en innovatief? Waarom zien zij kansen waar anderen zitten te slapen? Welk benijdenswaardig DNA bezitten zij? Duidelijk is dat er iets in deze mannen is dat hen onderscheidt van de meeste van hun collega’s en dat dat ‘iets’ voor ondernemingen – binnen welke sector dan ook - het verschil kan maken tussen winnen en verliezen. Voor de hoogleraren Jeffrey Dyer (Wharton Business School), Hal Gregersen (INSEAD) en Clayton Christensen (Harvard Business School) vormde het in ieder geval interessant onderzoeksmateriaal. Zes jaar lang volgden zij 3000 ‘creative executives’ en daarnaast hielden ze nog zo’n 500 diepte-interviews, allemaal om onderscheidende factoren te kunnen definiëren en toepassen.

apple-knit-350-x-258

Ze vonden er vijf, zo meldden ze een paar maanden geleden in een artikel in de Harvard Business Review. De onderzoekers noemen het ‘discovery skills’ en ondernemingen kunnen hun innoverend vermogen aanzienlijk vergroten als ze mensen met deze vaardigheden bewust en continu inzetten. De eerste eigenschap die alle innovatieve leiders tonen: ze kunnen associëren, een eigenschap die creatieve mensen in staat stelt om zinnige verbanden te leggen tussen vraagstukken en ideeën die ogenschijnlijk weinig met elkaar hebben te maken. De tweede vaardigheid: ze blijken allemaal uitstekend vragen te kunnen stellen: wie steeds weer vraagt naar het waarom, of het waarom niet, of naar wat als…, schudt de status quo op en opent nieuwe vergezichten. Het vermogen om heel scherp naar details te kijken, is de derde vaardigheid. Vooral in het observeren en analyseren van menselijk gedrag zijn innovators bijzonder goed. De vierde is het willen en kunnen experimenteren: altijd zijn deze leiders bezig met nieuwe werelden ontdekken. En tenslotte de vijfde vaardigheid: ze zijn allemaal heel goed in netwerken met slimme en talentvolle mensen met wie ze vaak weinig gemeen hebben, maar van wie ze veel kunnen leren.

In een eerder interview leggen de professoren uit welke van de eigenschappen ze het belangrijkste vinden. Het vragenstellen is cruciaal, want blijkt te werken als een aanjager van alle andere skills. Maar het vermogen tot associëren is de echte sleutel tot innovatie: ‘New ideas aren’t created without connecting problems or ideas in ways that haven’t been connected before.’ Als je het in één woord zou moeten samenvatten, zo stellen ze, dan zou het zijn ‘inquisitiveness’. Met andere woorden: innovatieve leiders zijn en blijven nieuwsgierig en leergierig als een kind.

En dat laatste is ook meteen het probleem: in elke organisatie troffen de onderzoekers zeker zo’n 15 procent aan zeer talentvolle, innovatieve managers aan, maar veel van hen waren bang om met hun vragen en leergierigheid als dom en onervaren te worden beoordeeld. Ze hebben al jong geleerd dat de juiste antwoorden meer worden gewaardeerd dan uitdagende vragen. Tenzij je natuurlijk werkt voor een bedrijf als Apple of Google.

Op YouTube staat een filmpje waarin professor Gregersen het nog eens in een interview toelicht.

30 september 2009, door Redactie Q

Onschuldige bankiers?

Nu de wind van de crisis wat lijkt te gaan liggen, wordt de zoektocht naar wie er de schuld van moet krijgen steeds venijniger. De beschuldigende vingers blijven vooral gericht op de bankiers, en die maken het natuurlijk ook niet makkelijker om een verstandig oordeel te vellen nu ze hun bonussen weer even onbekommerd als voorheen binnenhalen. Afgelopen maandag 28 september gaf oud SNS Reaal topman Sjoerd van Keulen tijdens een bijeenkomst van het Holland Financial Centre (HFC) echter flink wat tegengas door te stellen dat 99 procent van de Nederlandse bankiers geen schuld heeft aan de crisis.

Sjoerd van Keulen
Sjoerd van Keulen als manager van het jaar 2007

Van Keulen, ook voorzitter van HFC, een stichting waarin kopstukken uit de Nederlandse financiële wereld samenwerken, vindt dat de discussies over hoe het zover is gekomen en hoe het nu verder gaat breder moeten worden. ‘Het draait niet alleen om zelfverrijking via bonussen. Dat is een simplificatie van de werkelijkheid,’ betoogde hij. De echte oorzaken? Denk aan de rente in de Verenigde Staten, die onder voormalig centrale bankier Alan Greenspan veel te laag werd gehouden, denk aan het opgelopen handelstekort in de Verenigde Staten en de onwilligheid van Chinezen daar iets aan te doen, denk aan de harde concurrentie tussen landen. En vergeet vooral niet de politieke druk in de Verenigde Staten om iedereen aan een hypotheek te helpen, of ze het nou konden betalen of niet, plus het gebrek aan toezicht, plus de gebrekkige boekhoudregels, en plus vooral het blinde geloof in de efficiënte markttheorie. En ja, een aantal bankiers dachten ten onrechte de risico’s die ze namen onder controle te hebben. En ja, sommige investment bankers hebben misbruik hebben gemaakt van de situatie door transacties te doen waar heel veel geld mee is verdiend. Maar om het nou enkel over bonussen te hebben, dat biedt geen oplossing.

Voor bestuursvoorzitter Niek Hoek van Delta Lloyd Groep die ook op de avond sprak, sloten de woorden van Van Keulen ongetwijfeld aan op wat hij onlangs in de NRC bijlage Q4 stelde: ‘Iedereen heeft daar aan bijgedragen. De consumenten hebben teveel besteed, en de banken teveel gegeven.’
De ook aanwezige AFM-voorzitter Hans Hoogervorst pleitte ondertussen voor strengere wetgeving voor banken. ‘Je bent altijd dommer dan degenen op wie je toezicht houdt’ en ‘We gaan in ieder geval niet meer concurreren op onvoorzichtigheid,’ vindt Hoogervorst.

Zeker is dat bijna niemand de crisis in deze omvang echt heeft zien aankomen en dat het laatste woord over wat er nu gaat komen nog lang niet is gezegd. In dit verband is het aardig om terug te kijken naar standpunten van vóór de ineenstorting van de financiële markten. Kijk naar deze twee toch wat ongemakkelijke films.

In onderstaande film houdt voormalig president George W. Bush een speech over huizenbezit, op 17 oktober 2002. ‘You see, we want everybody in America to own their own home. That’s what we want. This is — an ownership society is a compassionate society.’

De tweede is een recentere opname, van februari 2008. Een scherpe discussie in het tv-programma ‘De leugen regeert’ tussen financieel journalist Willem Middelkoop en hoogleraar Arjo Klamer over ‘een dreigende crisis’. Klamer: ‘De crisis is een hype.’ Middelkoop: ‘Het hele derivaten systeem, die wereld bestaat niet meer.’

De les van dit alles: het is bijzonder moeilijk om de blik helder te houden als je ergens middenin zit.

25 maart 2009, door Patrick Koimans

Welk leiderschap heeft de financiële wereld nodig?

Dat het goed fout is gegaan bij vele financiële instellingen de afgelopen jaren, dat weten we nu. Maar hoe gaat de aanstormende generatie leiders ethiek, macht en verantwoordelijkheid vormgeven, als antwoord op de kredietcrisis? Afgelopen maandag 16 maart was er een symposium over dit onderwerp in de Rode Hoed, georganiseerd door Opportunity in Bedrijf samen met onder andere het Financieele Dagblad. Niek Hoek bestuursvoorzitter van Delta Lloyd sprak daar ook.

Volgens hoogleraar Jaap Winter, hoogleraar ondernemingsrecht en uitdager op het symposium, zijn topmensen uit de financiële wereld vooral geneigd anderen de schuld te geven van de kredietcrisis of het systeem aan te klagen, in plaats van te kijken naar de eigen verantwoordelijkheid. Hij ziet wel wat in de eed voor financiële instellingen waar Wouter Bos voor pleit: verantwoordelijkheid nemen en staan voor wat je belooft aan aandeelhouders, klanten en werknemers.

Niek Hoek pleit ook voor zo’n benadering en hij sprak over hoe we richting kunnen geven aan een nieuw “stakeholdersmodel”. Want de kredietcrisis heeft alles te maken met tegengestelde belangen. Met het kiezen voor korte termijn tegenover lange termijn, en daarmee voorrang geven aan individuele belangen boven het collectieve belang. De financiële instellingen hebben vanuit het Angelsaksische model geprobeerd met zo min mogelijk kapitaal zoveel mogelijk rendement te behalen, en zie waar dat toe heeft geleid.

Belangrijke vraag op het symposium was ook of er iets moet veranderen aan het old boys network dat de financiële wereld nu nog is. Dat die mannen het in ieder geval niet hebben kunnen voorkomen is een feit, merkte Jaap Winter op, maar zou de crisis ook zijn ontstaan met meer vrouwen aan het roer? Had diversiteit de crisis kunnen vermijden? Het verleden leert dat een diverse organisatie het beter doet dan een organisatie met alleen maar oude mannen. Een vorm van risicospreiding dus eigenlijk. Vakkennis, motivatie, een onafhankelijke geest, dat is het belangrijkste. En als team verantwoordelijkheid nemen. En als topmanagement open blijven staan voor die hele, diverse organisatie. Dan krijg je ook geen verkokering bij de CEO. Op naar meer diversiteit: jongeren, vrouwen, allochtonen, ouderen.

Zie ook een kort verslag van het symposium op RTL Z.

Terug naar boven